7 tips om een draagmuur te herkennen

Je gaat renoveren en wilt de woning graag zo open mogelijk trekken, maar dan hoor je plots het bestaan van draagmuren. Say what?

Wat zijn draagmuren?

Draagmuren zijn de wanden die verdiepingsvloeren, bovenliggende wanden of dakgebinten dragen. Als je iets aan een dragende wand verandert, hoe klein het ook is, verander zou je de hele stabiliteit van het gebouw. En daar heb je dus verplicht een architect voor nodig, die de nodige stabiliteitsberekeningen laat maken door een stabiliteitsingenieur.

Waarom moet je ze weten staan als je renoveert?

Als je zelf een ontwerp maakt voor je renovatiewoning, is het belangrijk om te weten wat je vooral niét mag doen. Zo was er eens een koppel die een rijwoning hadden gekocht met een gevelbreedte van 6m. Er was een smalle gang in en waren in de veronderstelling dat dit geen dragende wand was, omdat ze ‘ergens gehoord hadden’ dat de standaard overspanning 6m was, dus dat ze die wand wel gerust mochten weghalen. Euh?

Gelukkig geen gewonden, maar de moraal van het verhaal hier is dat je zeker géén ondoorgronde veronderstellingen mag maken als het op de stabiliteit van je woning aankomt. 

Hoe herken je ze?

Soms zijn draagmuren vrij makkelijk en op het eerste zicht te achterhalen, zoals buitenmuren bijvoorbeeld, maar soms kan ook een geoefend oog zich hieraan mispakken. Daarom geef ik je de volgende 7 tips mee waar je zelf een draagmuur aan kan herkennen:

1. Bestuur de bestaande plannen.

Als je die hebt tenminste. Als je ze niet hebt, doe altijd even een dubbelcheck bij de gemeente. De dragende wanden zouden in de legende moeten aangeduid staan, meestal al metselwerk.

2. Check de dikte van de wand.

Hier is wel een vuitsregel die je kan toepassen: Als je wand minder dan 10cm dik is, kan je ervan uitgaan dat het een niet-dragende binnenwand is. Een wand van 10cm dik kan nooit stevig genoeg zijn om een ander element te dragen. Als de wanddikte meer dan 10cm is, is de kans groot dat het hier over een dragende wand gaat.

3. Kijk naar de muren op je verdieping.

Staat er op de verdieping, op exact dezelfde plaats ook een wand? Dan is de wand op je gelijkvloers een dragende wand. Krachten zoeken de snelste weg naar beneden en dat is in dit geval recht naar beneden.

4. Controleer de draagrichting van je verdiepingsvloer.

De welfsels of houten balken van de verdiepingsvloer steunen op de dragende wanden. Meestal kan je dit niet direct zien door een verlaagd plafond of pleisterwerken, dus moet je eerst wat afbraakwerken doen om het te kunnen zien.

5. Luister naar je muren.

Klop op je muren. Klinkt het hol? Dan is de kans groot dat je hier met een niet-dragende wand (bijvoorbeeld gipskartonwand met metalstuds) te maken hebt. Wel oppassen hier, want als de wand héél erg dik is, en toch een hol geluid heeft, kan het ook gaan over een voorzetwand die geplaatst werd bij eerdere renovatiewerken.

6. Vergeet je schouw niet.

Het eerste wat ik vaak hoor van bouwheren, is dat ze die lelijke schouw weg willen. Een schouw is in 99% van de gevallen een dragend, centraal element in je woning. De welfsels of balken van je verdieping rusten hierop, omdat daar een uitsparing zit. Dit is dus hetzelfde principe als met je trapgat. De muren daar rond kan je ook niet zomaar weghalen.

7. Raadpleeg een expert.

Last but defenitly not least: ben je niet 100% zeker van je dragende wanden? Raadpleeg een expert. De investering die je hier maakt weegt niet op tegen een ingestorte woning.